Ik ben zelf 26 jaar ambtenaar geweest. Eén jaar in dienst van de provincie Limburg en daarna 25 jaar in dienst van gemeenten. Aan de term ambtenaar heb ik nooit goed kunnen wennen. Ambtenaar, alsof ik een of ander ambt vervulde. Zo heb ik dat nooit ervaren. Als hbo’er zag ik mijzelf meer als hoogopgeleide professional met een ambtelijke aanstelling.

Het woord ambtenaar is negatief geladen

In de tijd dat ik begon te werken (eind 1992) had ik collega’s die zich echt ambtenaar voelden. Zij kenden de tijd nog dat de salarisschalen hoogdravende namen kenden zoals: commies, hoofdcommies en referendaris. Ambtenaar heeft in de volksmond een negatieve conno­tatie. Dat komt vooral voort uit de alom bekende ‘langzaam draaiende ambtelijke molens’ en ‘dat ambtenaren “regels” vertegenwoordigen waar mensen zich aan moeten houden’. Tenminste, als je zelf een bouwvergunning nodig hebt. Dan zijn die regels lastig. Als jouw buren bouwplannen hebben vind je het maar wat goed dat er zoiets bestaat als een bouw­vergunning. Want ja, dan kun je er nog iets van vinden.

Letter van de wet of geest van de wet?

Ambtenaren en regels hebben een haat-liefdeverhouding. Regels zijn soms heel handig. Als zij duidelijk zijn. Zoals voor die mevrouw met een bij­standsuitkering die van haar moeder de boodschappen betaald kreeg. Volgens de bijstandsregels is dat inkomen. En inkomen moet op de uitkering in mindering worden gebracht. Dat staat al vele jaren in de wet. Handig en wel zo duidelijk, toch? Totdat de collectieve ver­ontwaardiging toeslaat. Want, dat is toch belachelijk? Het is toch begrijpelijk dat een moeder (financieel) even bijspringt? En als dan de immigrant met een voorlopige vergunning tot verblijf – met dezelfde bij­standsuitkering van de buren – boodschappen krijgt omdat hij moeilijk kan rondkomen van zijn uitkering, dan moet dat toch zeker wel gekort worden? Dat staat toch in de wet? Bijstand is tijdelijk. Je moet zo snel mogelijk je eigen boterham verdienen.

Omgaan met het spanningsveld

Wanneer doet de ambte­naar het nou goed? In beide gevallen is de wet heel duidelijk. En trek de parallel gerust door naar andere regels: “Ik reed maar twee kilometer per uur te hard. Kijk eens naar de echte hardrijders en ga echte boeven vangen!”.

Wanneer doet een ambtenaar het nou goed?

Frank Arets

Omgaan met dit continue spanningsveld – het strikt toepassen van de letter van de wet of naar de geest van de wet handelen – is een vak. Een ambtenaar werkt bovendien binnen politiek-bestuurlijke verhoudingen, die vaak andere redeneringen volgen dan de logica. Tel die twee bij elkaar op en je hebt een serieus complex vak. Daarom zeg ik liever overheidsprofessional dan ambtenaar. Dat dekt beter de inhoud van het werk. Ambtenaar zegt alleen iets over de arbeids­verhouding.

Werk wordt complexer en voor mij leuker

Politiek-bestuurlijke verhoudingen worden steeds ingewikkelder. Veel coalities worden samengesteld uit meerdere partijen, waardoor steeds meer compromissen gesloten moeten worden. De tijd van twee partijen die een coalitieakkoord sloten en daarmee vier jaar duidelijke lijnen uitzetten, ligt definitief achter ons. Kijk maar eens naar het aantal partijen dat zich heeft ingeschreven voor de Tweede Kamer verkiezingen 2021: maar liefst 89! Op gemeentelijk niveau zie je eenzelfde versnippering. Het maakt het vak van een overheidsprofessional complexer, maar tegelijkertijd interessanter. Ik hou van mijn vak. Daar ben ik goed in. Maak er gebruik van als gemeente bedrijf of vereniging.